Het is (g)een vak

euroSchrijven is een vak. Spreken is een vak. Schrijven is geen vak apart, spreken in geen vak apart.

Recent las ik weer een klaagstuk over de schandalig lage tarieven die een freelance journalist krijgt. 13 cent per woord bij het Eindhovens dagblad. Te weinig om van te leven, te weinig om een fatsoenlijk salaris uit te halen. En er is geen onderhandelingsruimte. Wat mij vooral opviel in het stuk is deze zin:

Rompredacties van een paar man bedenken verhalen en zoeken daar auteurs bij.

Daar zit misschien wel de kern van het probleem. Goed kunnen schrijven is een vak, maar geen vak apart.

Journalist zijn is geen vak

Journalist zijn is geen vak, of beter, het is geen vak apart. Sportjournalist misschien wel, maar voetbaljournalist, wielrenjournalist of tennisjournalist is een vak. Het combineren van geweldig schrijf en onderzoekstalent met inhoudelijke kennis van een specifiek vakgebied is een vak.

Technologiejournalist, kunstmatige intelligentie journalist, (zelfrijdende) auto journalist is een vak. Iemand die enkel goed kan schrijven en hier iets over schrijft, schrijft meestal inhoudelijk hele matige artikelen. Zo iemand komt nooit met een uniek inzicht, want deze persoon heeft niet de connecties nog de kennis om precies de vinger op de zere plek te leggen.

(Schrijvend) journalist zijn is een vak, maar geen vak apart. Je moet kunnen toveren met woorden (iets wat ik niet kan, ondanks 4 boeken waarvan 2 bestsellers) en kritische vragen kunnen stellen. Voor dat laatste is vakkennis een vereiste. Dat zie ik steeds ontbreken bij heel veel artikelen. Een serieuze kennis van de materie.

Daar waar ik niet half de woordkunstenaar ben die vele journalisten wel zijn, wordt ik regelmatig gevraagd om artikelen te schrijven op mijn vakgebied. Tegen serieus betere tarieven dan 13 cent per woord. Sterker nog, ik schrijf niet per woord. Waarom word ik dan toch gevraagd (ook als is het niet mijn vak)? Omdat het dan steekhoudend is, omdat ik genoeg kennis van de materie heb om de partij aan de andere kant van de tafel te begrijpen en omdat ik dermate veel vakkennis heb dat ik veel artikelen uit bestaande kennis kan schrijven en dus geen tijd hoef te investeren in research doen.

Een goede journalist maakt zelf zijn verhalen en verkoopt die aan de hoogste bieder. Is de markt verziekt? Waarschijnlijk wel. Toch geloof ik dat er altijd een markt is voor echte goede artikelen, met diepgang, met research, die uniek zijn en een uniek beeld geven van een onderwerp. Maar dan moet het dus wel ‘het beste artikel van het jaar op dat gebied’ zijn. Dit is dus ook een pleidooi voor meer ondernemerschap bij journalisten. En als er meer goede stukken zijn dan er momenteel media zijn die ze bereid zijn te betalen, ga je samenweken en richt je een nieuw (online) journalistiek platform op. Daar is zeker ruimte voor (en ja, ik ken de correspondent, maar dat kan ik het afgelopen jaar geen journalistiek medium meer noemen).

Ook spreken is (g)een vak

Voor publiek spreken geldt eigenlijk hetzelfde. Iedereen kan praten, maar niet iedereen kan spreken. Te vaak zie ik hele slechte sprekers op congressen. Mensen die inhoudelijk weten waar ze het over hebben, maar (één van de) twee essentiële vaardigheden m.b.t. spreken missen.

  • Een verhaal verhalend kunnen neerzetten
  • Het verhaal boeiend kunnen brengen

Een verhaal kunnen neerzetten bedoel ik mee dat je begrijpt dat je tijd beperkt is en je een kop en staart moet hebben. Een punt moet maken (of expliciet geen punt gaat maken en dat aangeeft) en er een geheel van kan smeden.

Het verhaal boeiend brengen heeft te maken met stemgebruik, intonatie en non-verbale communicatie. Het moet ook prettig zijn om naar te luisteren. Iets op een prettige manier brengen doet niets af aan de inhoud, maar je bereikt er wel veel meer mensen mee.

Publiek spreker is echter geen vak apart. Je moet het ook nog ergens over hebben. Spreken is een vak, maar geen vak apart.

Spreken en schrijven, twee verschillende werelden

Bij publiek spreken is dus vaak het omgekeerde aan de hand als bij het schrijven. Iedereen kan schrijven, toch wordt enkel schrijven gezien als een vak en is vakkennis vaak niet noodzakelijk. Iedereen kan spreken, maar worden mensen vaak ingehuurd op basis van hun vakkennis en vergeten we dat een verhaal vertellen ook een vak is.

Misschien moeten we in beide gevallen wel bedenken dat zowel schrijven als spreken een vak is, maar geen vak apart. Dat beide competenties zijn die niet iedereen heeft, die je kan trainen en waar je je bewust van moet zijn, maar dat ze in beide gevallen gecombineerd moeten worden met inhoudelijke vakkennis.


Over Bas van de Haterd

Bas van de Haterd is professioneel bemoeial. Hij helpt organisaties klaar te stomen voor de veranderende wereld van werk, met robots, 3D printers en zelfrijdende auto's. Hij heeft hierover o.a. de boeken (R)evolutie van Werk en '10 Banen die verdwijnen & 10 Banen die verschijnen' geschreven. Hij is te bereiken op bas@vandehaterd.nl
1.490 views | Reageer (0 reacties) Dit bericht is geplaatst in Beloning, Normaal werken. Bookmark de permalink.