Politiek 3.0

Recentelijk heb ik, eindelijk, het boek society 3.0 gelezen. Aangezien collega blogger Sam van Buuren daar al een review over heeft geschreven zal ik dat niet herhalen, dat lijkt me wat veel van het goede.

Wat ik wel wil doen is één van de vele onderwerpen die er in naar voren komt onder de loep nemen en daar eens verder over filosoferen. Voor de afwisseling niet het onderwerp dat je zou verwachten, ik wil niet verder filosoferen over de toekomst van de arbeidsmarkt, de rol van de ZP’er daarin en de manier waarop organisaties zich gaan ontwikkelen. Dat doen we hier al heel veel en dat zullen we blijven doen. Geïnspireerd door het boek ben ik gaan nadenken over een nieuw politiek systeem dat zou passen bij de huidige tijdsgeest en technologische mogelijkheden. Aangezien ik het beste kan denken als ik schrijf, want als ik schrijf zie ik ook meteen de lacunes in mijn denkpatroon, heb ik besloten die inspiratie om te zetten in een blog.

Misschien is politiek 3.0 een ver gezocht onderwerp voor ‘het normale werken blog’, maar ik denk dat het net kan. Ten eerste is de politiek ook ‘gewoon’ een werkgever, ten tweede zou het ook daar moeten gaan om ‘mensen eerst, dan structuur en technologie’ en tot slot kan je hieruit misschien ook wel interessante managementmodellen halen.

Ronald geeft in Society 3.0 aan dat de huidige vorm van politiek eigenlijk failliet is en die mening deel ik met hem. De reden dat we ons lieten vertegenwoordigen, niet alleen politiek, maar ook b.v. door vakbonden, werkgeversorganisaties, brancheverenigingen, etc. is dat het te lastig was elke keer helemaal naar Den Haag af te reizen met de hele groep om samen een besluit te nemen. In deze tijden van tijd en plaats onafhankelijk werken is dat echter helemaal geen issue meer. Kunnen we dan niet kiezen voor een meer directe democratie? Met alle positieve en negatieve van dien?

Laat ik beginnen met het feit dat ik ook heel veel risico’s zie in een directe democratie. Visie is namelijk maar betrekkelijk weinig mensen gegeven merk ik en als puntje bij paaltje komt kiezen de meeste mensen voor het korte termijn eigenbelang. Een duidelijk risico van directe democratie zie je in Californië, waar via referenda is afgedwongen dat de belastingen zo laag zijn dat ze nauwelijks meer de maatschappelijke taken kunnen uitvoeren. Denk daarbij aan de brandweer en politie, het onderwijs en de wegen. Een direct gevolg hiervan was de energiecrisis die men enkele jaren geleden had. Klagen dat de overheid niet genoeg geïnvesteerd had in het energienet, terwijl men zelf bij referendum en daaruit volgende wetgeving had afgedwongen dat daar geen geld heen mocht. Hetzelfde geldt er nu praktisch voor de brandweer, waar als je huis in brand staat je bijna eerst moet afrekenen voordat het geblust kan worden. Anders kan men de benzine niet betalen om bij je huis te komen…

Risico’s te over dus, echter, ik geloof dat de directe democratie misschien wat ver is doorgeslagen in de USA en zeker in Californië. Ik zie een iets anders systeem voor me, waarbij we met name de tweede kamer overbodig kunnen maken, er een soort raad van bestuurssysteem komt aan ministers en een directe stemming van het volk.

Raad van bestuur

Ronald schreef in zijn nawoord van Society 3.0 al een toekomstvisie in 2021 waarin hij terug kwam uit China, waar men politiek gezien een Raad van Bestuurssysteem had bedacht. Zelf geloof ik hier sterk in. De huidige opzet van de politiek is erg vreemd, als je bedenkt dat ruimtelijke ordening en verkeer en waterstaat twee aparte ministeries zijn met aparte budgetten en dus niet echt samenwerken. Ja, er is overleg, maar uiteindelijk worden ze allemaal gedreven door hun eigen budget en een integrale visie op de toekomst van het ruimtelijk beleid in Nederland ontbreekt al jaren volledig, met alle gevolgen van dien voor de congestie van het verkeer, de natuur en de landbouw.

Er zouden een aantal ‘overkoepelende’ aandachtsgebieden moeten komen. Zelf denk ik dat je er met 7 ministers bent: Minister-president, Financiën, Buitenlandse Zaken (incl. defensie), Zorg, sport en cultuur, Arbeidsmarkt (onderwijs, economische zaken, sociale zaken, wetenschap), Veiligheid (justitie en politie) en Ruimtelijke ordening (incl. landbouw, milieu, verkeer & waterstaat).

De meeste van deze aandachtsgebieden lijken mij logisch, de reden dat ik sport en cultuur bij zorg zet is dat ik denk dat cultuur erg veel bijdraagt aan de mentale gezondheid van mensen. Met name op het gebied van de arbeidsmarkt (integraal beleid tussen onderwijs, wetenschap, economische zaken en sociale zaken) is denk ik heel veel te verbeteren, net als op het gebied van ruimtelijke ordening (waar landbouw en milieu en het verkeer volledig in elkaar overlopen).

Elk van deze aandachtsgebieden zou één minister krijgen die puur en alleen verantwoordelijk is voor de coördinatie tussen de verschillende aandachtsgebieden. Hij zou zelf in de basis enkel een coördinerende taak hebben en op deelgebieden geen beslissingsbevoegdheid, anders dan dat hij een veto kan uitspreken als het beleid niet in lijn is met het ‘grotere’ beleid en tegenstrijdig is aan andere deelgebieden.

Elk van de deelgebieden zou een eigen ‘onder minister’ krijgen. Die zouden er dus véél meer komen, maar dan krijgen de verschillende gebieden tenminste de aandacht die ze verdienen. Denk bij bijvoorbeeld de arbeidsmarkt aan een onderminister voor basisonderwijs, middelbaar onderwijs, hoger onderwijs, arbeidsmarkt, wetenschap, Nederlands economisch beleid, internationale handel, sociale zaken en misschien mededinging. Hier zou in een exacte uitwerking misschien nog wat geschaafd moeten worden.

Individueel gekozen ministers

Deze ministers en onderministers zouden we vervolgens op individueel niveau kunnen kiezen. Men voert zelf campagne en wordt direct gekozen voor een termijn van vier jaar. Men mag maximaal één keer herkozen worden, dus uiteindelijk kan een (onder)minister nooit meer dan 8 jaar op één post zitten. Eventueel kan men daarna wel voor een andere post gaan. Na die 8 jaar zou iemand minimaal 8 jaar uit de politiek moeten (of in ieder geval uit dit niveau van politiek) voordat men weer herkozen kan worden. Ik geloof sterk dat verschillende omgevingen nieuwe inzichten geven en de politiek heel erg blind maakt voor wat er in de rest van de maatschappij gebeurt.

Deze individueel gekozen ministers maken wetten en voorstellen. De onderministers zijn verantwoordelijk voor hun vakgebied en maken derhalve voorstellen welke door de minister moeten worden goed- of afgekeurd omdat ze in lijn moeten zijn met het grotere beleid dat is uitgezet. Ook dat grotere beleid moet worden vastgelegd en afgestemd.

Of we in een dergelijk systeem nog politieke partijen hebben valt te betwijfelen. Natuurlijk hebben bepaalde personen altijd een bepaalde signatuur, maar ik zie steeds meer mensen die moeite hebben met het hele partijen stelsel. Men is bijvoorbeeld met 80% van een partij het eens, maar kan niet over hun standpunt op het gebied van …. heenstappen. De partijen zijn in deze dus verdwenen of in ieder geval gemarginaliseerd.

De ministers zouden in mijn beleving voor langere termijnen gekozen moeten worden, immers is een overkoepelend beleid enkel waardevol wanneer dit voor langere termijn wordt vastgehouden. Misschien dat je de ministers zelf wel voor minimaal 6 jaar kiest, met een mogelijke verlenging van 4 jaar. Wel is het dan mogelijk deze met een motie weg te stemmen, waar bijvoorbeeld 2/3 van het volk dan voor moet zijn.

De onderministers hebben normaliter een termijn voor 4 jaar, maar het zou goed zijn als dit geen massale verkiezingen zouden zijn. Dus elk jaar zouden enkele van de onderministers vervangen moeten worden. Op deze manier creëer je continuïteit in het systeem en heb je geen ‘overload’ aan keuzes waarbij een aantal van de keuzes gemaakt worden zonder je er echt in te verdiepen.

Direct gekozen regels en wetten

In plaats van een tweede kamer die ons (niet) vertegenwoordigd hebben we directe keuzes voor het aannemen of verwerpen van wetten en regels. De onderministers dienen deze in, goedgekeurd door de minister die het algemene beleid uitzet.

Elke maand mag het volk op de ingediende voorstellen stemmen. Dit kan volledig digitaal gebeuren. Bij elk voorstel zal een duidelijke uitleg gegeven worden, de onderminister kan uitleggen waarom het een goed voorstel is, tegenstanders kunnen uitleggen waarom het een slecht voorstel is, er is een mogelijkheid tot open discussie, waarbij uiteraard enige moderatie m.b.t. goed fatsoen zal moeten plaatsvinden.

Elke maand worden de voorstellen aangenomen of afgestemd, met de daarbij behorende consequenties.

Er blijft natuurlijk de mogelijkheid om moties in te dienen middels publieksstemmen. De betreffende onderminister mag vervolgens zelf bepalen of en hoe hier een wet van te maken. Er is geen direct wetgevende macht bij de burger, om Californische toestanden te voorkomen. Wanneer een onderminister regelmatig zonder een goed verhaal een publieksvoorstel negeert zal naar alle waarschijnlijkheid zijn lot snel bezegeld worden, immers kan het volk ook direct kiezen voor het afzetten van de desbetreffende minister.

Voordelen

Het grote voordeel van dit systeem is dat de mensen direct betrokken worden bij de politiek. Men heeft daadwerkelijk het heft in eigen hand en mag keuzes maken per onderwerp. Persoonlijk geloof ik dat heel veel onderwerpen heel anders zouden uitpakken met directe instemming van het volk. Kernenergie bijvoorbeeld zou al lang zijn afgeschaft, er zou veel meer geïnvesteerd worden in groene energie, ook al kost ons dit meer geld. Door de directe betrokkenheid en het directe stemrecht zullen ook meer mensen zich geen interesseren in politiek, eenvoudigweg omdat ze niet meer het gevoel van machteloosheid hebben.

Een ander voordeel is dat het niet mogelijk zal zijn om zoveel wetten en regels erdoor te drukken als nu het gevoel is. Soms heb ik het gevoel dat men dingen aan het veranderen is om vooral bezig te blijven en te kunnen zeggen: kijk, dat heb ik gedaan. Het volk kan maar een bepaald aantal nieuwe voorstellen per maand verwerken, dus daar zal een limiet op moeten. Soms is iets niet aanpassen helemaal niet zo erg. If it’s not broke, don’t fix it.

Nadelen

Het risico dat populisme de overhand krijgt is natuurlijk groot, hoewel ik het idee heb dat dat nu ook al is. Dus dat risico zie ik niet zo. Een ander risico is dat we vooral korte termijn aan het denken zijn, maar in alle eerlijkheid, ook dat is nu al het geval, al zal elke politicus dat ontkennen. Een heldere toekomstvisie heb ik al in geen jaren meer gehoord van enige politicus, ze zijn allemaal vooral bezig herkozen te worden en dus springt men in op elk kleine ding in de media.

Een derde risico is dat we vooral mediagenieke (onder)ministers krijgen. Echter is mijn vraag: is dat nu niet ook al zo? En als dat niet zo is, wat is er dan erger aan om een mediagenieke minister te hebben ten opzichte van een goede partijpoliticus, die vooral goed ligt bij de bobo’s en verstand van zaken is altijd secundair?

Tijd

Stel dat we een dergelijk systeem zouden invoeren zou één ding noodzakelijk zijn: tijd. Immers zal het tijd kosten om heel veel Nederlanders te mobiliseren te stemmen. Ik verwacht dat er een piek komt de eerste maanden, daarna heel snel van alles wegebt en dan komen de stemmen dat het systeem gefaald heeft. Echter, een dergelijke grote verandering heeft tijd nodig. Jaren de tijd nodig. Je kan zeggen dat er minimaal een generatie voor nodig is (15 tot 20 jaar) voordat het helemaal in ons DNA zit dat je de laatste dagen van de maand altijd even moet gaan stemmen. Die tijd moet je een dergelijk systeem gunnen, anders moet je er niet aan beginnen.

Reacties?

Dat was mijn filosofie over democratie 3.0, mede geïnspireerd door Society 3.0. Je kan dit misschien vertalen naar andere mangementmodellen (ik hoorde recent een directeur zeggen dat hij er zat bij de gratie van zijn personeel en dat die het recht hadden hem weg te stemmen, ook een leuk model, niet?). Ik ben echter vooral ook benieuwd naar jullie voor- en tegenargumenten waarom dit model beter of slechter zou werken dan wat we nu hebben.


Over Bas van de Haterd

Bas van de Haterd is professioneel bemoeial. Hij helpt organisaties klaar te stomen voor de veranderende wereld van werk, met robots, 3D printers en zelfrijdende auto's. Hij heeft hierover o.a. de boeken (R)evolutie van Werk en '10 Banen die verdwijnen & 10 Banen die verschijnen' geschreven. Hij is te bereiken op bas@vandehaterd.nl
3.013 views | Reageer (6 reacties) Dit bericht is geplaatst in Boeken, Overheid. Bookmark de permalink.
  • Jan

    Interessante filosofie.
    En zo, uit de losse pols, even een aantal opmerkingen:
    1.
    In je voorstel vraag je een hele grote bereidheid tot deelname van het volk. Persoonlijk ben ik bang dat dit uiteindelijk uitmondt in een besturing van het land door een bepaalde ‘elite’. De overgrote meerderheid van het volk heeft zelf geen visie (zie ook de film “Idiocracy” waarin er limonade uit de kraan komt omdat het volk dat wil). Zelf geef je ook al zoiets aan. Dit zou je misschien kunnen op lossen door toch te werken met een soort van vertegenwoordiging. Hierbij krijgen bepaalde mensen dan meer ‘stemrecht’ omdat ze een bepaalde groep mensen vertegenwoordigen. Niet direct in de vorm van een politieke partij maar bv zo dat élk Tweede Kamerlid individueel gekozen is.
    2.
    Bij een grote betrokkenheid van het volk hoort ook een grote toegankelijkheid tot informatie. Hierbij zou ik willen pleiten om iedereen toegang te geven tot internet, inclusief een opleiding om er gebruik van te maken. Misschien gaat dit vanzelf als we eenmaal een generatie verder zijn… Hierbij loop je natuurlijk ook het gevaar van de mediacratie waarbij de meeste mensen alleen maar naar die informatie kijken die in hun eigen straatje past (en voldoende sensationeel is).

    Kortom, ik ben toch bang dat je met dit systeem te veel vraagt van ‘het volk’…

    • Dank voor je reactie Jan, maar beide punten vind ik niet echt heel sterk als ik zo eerlijk mag zijn. 

      Het eerste punt is namelijk een kwestie van verantwoordelijkheid nemen. Iedereen krijgt de mogelijkheid, als je daar geen gebruik van maakt heb je later dus ook niets te klagen. Klinkt simpel? Is het ook. Die vertegenwoordiging is iets waarvan ik denk dat we zien dat het maar heel beperkt of eigenlijk niet goed werkt. Dat zie je nu elke keer weer. 

      Individueel gekozen kamerleden heb ik ook over gedacht, maar dat lost geen probleem op. Als je dat al wil toepassen zou ik dat op een eerste kamer doen, die bijvoorbeeld de wetgeving controleert op grondwettelijkheid en dergelijke. 

      Dat die betrokkenheid inderdaad een probleem zal worden geef ik al aan, echter denk ik dat dat een curve zal zijn. Het begint geweldig, neemt na een half jaar al sterk af, zit na een aantal jaar op een dieptepunt en neemt daarna weer toe. 

      Die toegankelijkheid van informatie heb je gelijk in, die moet er zijn. Dat er veel meer geïnvesteerd moet worden in opleiding en ‘mediawijsheid’ ook. Echter het gevaar dat mensen enkel de informatie tot zich nemen die in hun eigen straatje past is er al. Sterker nog, die neemt enkel toe. Misschien dat je door dit systeem juist mensen zo ver kan krijgen, omdat ze directe invloed hebben, om breder te kijken. Echter, ook dit is iets dat niet meer of minder wordt. 

      Hoewel, de filters worden wel meer, vanwege de technologie die het faciliteert: http://www.hnwb.nl/friday-ted-talk-pas-op-voor-filters/ 
      Misschien dat door open informatie te bieden bij de voorstellen dat juist iets kan afnemen. 

      • Jan

        Sorry Bas, je hebt gelijk dat mijn punten niet sterk overkomen. Als ik je reactie lees, moet ik mijn eerste punt anders overbrengen.

        Wat ik namelijk bedoel is niet zozeer dat niet iedereen de mogelijkheid zou kunnen krijgen om deel te nemen. Mijn punt is dat niet iedereen KAN deelnemen. Dit is vergelijkbaar met de discussie over eigen verantwoordelijkheid in de maatschappij. Sommige mensen hebben eenvoudigweg niet de capaciteiten om voldoende bij te dragen. En dat mag je ze ook niet kwalijk nemen. Iedereen heeft zo zijn eigen sterke en zwakke punten. Niet iedereen is in staat om professor of straaljagerpiloot te worden. En dat heeft zo zijn weerslag op de mogelijkheden om zinvol deel te nemen aan het maatschappelijk debat, laat staan de (be)sturing van het land.

        • Tja, daar verschillen we dan fundamenteel over van mening. Ik geloof dat iedereen capaciteiten heeft om op zijn of haar eigen manier bij te dragen. Punt. Iedereen heeft talent. Iedereen heeft ook de capaciteiten om op bepaalde punten wel of niet bij te dragen. Ik geloof ook niet dat je op elk gebied elke keer moet stemmen. Ik zie doorgaans tientallen, zo niet honderden discussies in de tweede kamer waarvan ik denk: So what? I don’t care, niet de ene of de andere kant. Ik denk overigens dat heel veel van die elementen eruit vallen, want die zijn vooral media gedreven omdat een tweedekamerlid even zijn media momentje wil hebben. 

          Overigens hoeft lang niet iedereen deel te nemen aan het maatschappelijke debat, je kan het debat ook volgen en vervolgens je stem uitbrengen.

  • Rvandenhoff

    Mooi verhaal heb je ervan gemaakt! Vooral je opzet van een nieuw politiek/ regeringsmodel spreekt me aan, ik ga daar eens mee aan de slag

  • Ik heb gisteren nog eens verder nagedacht over de rol van het koningshuis in deze constructie. Persoonlijk houd ik altijd wel van een ‘failsafe’. Die zou het koningshuis kunnen spelen. 

    De koning of koningin zou nog steeds het staatshoofd zijn, maar geen onderdeel uitmaken van de regering. Aangezien we geen formaties hebben is die rol ook niet nodig. Wel zou het staatshoofd een veto recht moeten hebben, voor wetten waarvan hij/zij denkt dat deze destabiliserend voor het land zijn. In plaats van nu waarbij het staatshoofd officieel elke wet moet ondertekenen, en derhalve heeft met theoritisch al zo’n recht, maak je het dan expliciet en met een reden.

    Natuurlijk moet je als je iemand zoveel macht geeft (de macht een land of regering lam te leggen) daar ook weer een tegenmacht voor opwerpen. Ik zou dan dus ook vast willen leggen dat het mogelijk is een stemming (referendum) uit te schrijven, waarbij als 80% van de 18+ bevolking zijn stem uitbreng en 2/3 voor is, het koningshuis als staatshoofd kan worden afgezet en er een nieuwe tegenmacht in werking moet kunnen worden gesteld (een president bijvoorbeeld). 
    Over de rol van de senaat ben ik het nog niet uit. Je kan hem afschaffen, maar een aparte macht om bijvoorbeeld te controleren of de wetten wel aan de grondwet voldoen en of de procedures wel gevolgd worden (m.b.t. grondwetswijzigingen bijvoorbeeld) zou niet misstaan, ook in zo’n systeem.